Van Gutenberg naar Web 2.0 en verder
Er wordt al een hele tijd
gesproken en geschreven over een nieuw businessmodel voor de
uitgeverij zonder dat het voor iedereen duidelijk is hoe het
huidige model precies in elkaar zit. Dat maakt het communiceren
nogal lastig en brengt ons in het algemeen niet veel verder.
Daarom wil ik een poging doen om de zaken voor iedereen helder
te krijgen zodat er op een zindelijke manier kan worden
gediscussieerd. Laten we daartoe eerst vaststellen waarover en
over wie het gaat.
Over wie het gaat is niet zo
moeilijk te definiëren, wij zijn allen lezers en dus gaat het
ons allemaal aan. Als lezer willen wij een maximale
keuzevrijheid hebben tegen een redelijke prijs. Dat zijn niet
meer dan normale wensen van normale mensen. Waarover het gaat
wordt lastiger om vast te stellen want dat is erg afhankelijk
van de positie die je inneemt in de keten tussen auteur en
lezer. Daarom is het nuttig om die keten eens onder de loep te
nemen.
De uitgeefketen begint bij de
auteur en eindigt bij de lezer. Lang voor mijnheer
Gutenberg de drukpers uitvond produceerden auteurs hun eigen
werk, eerst in steen gebeiteld, later in
kleitabletten gegrift, later op papyrus of
perkament, daarna op papier en vervolgens al snel in
de vorm van een boek. De keten was dus ultrakort, er zaten
geen schakels tussen de auteur en de lezer. Er ontstond al
snel behoefte aan meer exemplaren van eenzelfde boek
en daarmee kregen de monniken ook zinvol
werk. Na Gutenberg namen drukkers de plaats van de monniken in
en zij plaatsten zich hiermee heel duidelijk tussen de auteur
en de lezer. Vanaf dat moment was er sprake van een echte keten
die als volgt kan worden weergegeven:
auteur > drukker > lezer
De drukker kwam hiermee van twee
kanten onder druk te staan. Aan de ene kant vroegen de auteurs
om extra dienstverlening en anderzijds wilden de lezers beter
bediend worden. De drukker werd zo tevens uitgever en
boekhandelaar en die verschillende functies werden van
lieverlee aparte beroepen. Hiermee kreeg de keten de vorm:
auteur > uitgever > drukker >
boekhandelaar > lezer
Eeuwenlang hadden de drukkers een
spilfunctie in de keten, immers zonder drukker kon een uitgever
geen boeken maken en een auteur zijn manuscript niet uitgeven.
De boekhandelaar zat met het probleem dat hij zijn handelswaar
de ene keer van de drukker, dan weer van de uitgever en soms
van de auteur moest betrekken. Er ontstond dus behoefte aan een
extra functie, namelijk die van distributeur. Daarmee was de
keten compleet:
auteur > uitgever > drukker >
distributeur > boekhandelaar > lezer
Ik ben zo vrij deze keten het Gutenberg model
te noemen omdat de uitvinding van de drukpers heeft gezorgd
voor de verbreking van de directe relatie tussen auteur en
lezer. Om de betekenis hiervan te doorgronden is het goed om
aan iedere schakel een waarde toe te kennen. Als we ervan
uitgaan dat de auteur de lezer optimaal wil bedienen en de
lezer ook inderdaad optimaal bediend wil worden kennen we
aan ieder de waarde 100 toe. De auteur verdeelt zijn 100
punten zodanig over de schakels in de keten dat die 100
punten uiteindelijk bij de lezer komen. Hoewel er duizend
redenen kunnen worden bedacht dat het anders moet lijkt het
uitgangspunt van eerlijk delen mij alleszins redelijk. Dat
zou leiden tot de volgende verdeling:
-
|
auteur
|
uitgever
|
drukker
|
distributeur
|
boekhandelaar
|
|
lezer
|
|
20%
|
20%
|
20%
|
20%
|
20%
|
>
|
100%
|
Dat deze verdeling weinig met de (huidige)
werkelijkheid te maken heeft zal weinigen ontgaan. Auteurs
krijgen doorgaans slechts 10% royalty's uitgekeerd en een
uitgever die 20% marge weet te realiseren zul je niet horen
klagen.
Wilt u een andere verdeling zien dan
bovenstaande? Een die meer aansluit bij uw eigen situatie?
Dat kan, als u uw mailadres achterlaat krijgt u
een spreadsheet model toegestuurd waarmee u
verschillende concepten kunt doorrekenen. U heeft hiervoor
Excel of een vergelijkbaar programma nodig, bijvoorbeeld
Open Office Calc.
Ja, ik wil het model graag ontvangen. Stuur
het s.v.p. naar
|